Persoonsgerichte zorg in de huisartsenpraktijk

Wat heeft deze patiënt op dit moment nodig? Dat is volgens huisarts Ragnhild Vrijaldenhoven-Haitsma de hamvraag bij persoonsgerichte zorg. ‘Als je steeds van deze vraag uitgaat, ontstaat er een echt gesprek met de patiënt. Daarmee  bereik je meer gezondheidswinst dan als je uitsluitend het protocol volgt.’

‘Persoonsgerichte zorg is niet nieuw’, vertelt Ragnhild Vrijaldenhoven-Haitsma, bijna dertig jaar huisarts en tevens kaderhuisarts ouderengeneeskunde. ‘Het betekent dat je je bij elke patiënt afvraagt: wat heeft hij of zij op dit moment nodig? Dat heb ik altijd gedaan. Wat wel een verschil met vroeger is, is dat je nu daarbij het protocol in je achterhoofd houdt. Ik ken het protocol uit mijn hoofd en weet precies waar ik naar moet vragen bij iemand met bijvoorbeeld diabetes of COPD. Als je dat weet, kun je naast iemand gaan zitten en ontstaat er een echt gesprek met die persoon.’

De keuze van de patiënt

Persoonsgerichte zorg is volgens Vrijaldenhoven-Haitsma een heel geschikte manier om samen met een patiënt te werken aan zijn of haar gezondheid. ‘Je gaat uit van wat iemand zelf wil. In gezamenlijk overleg stel je de prioriteiten op. Als iemand met COPD echt niet wil stoppen met roken, iets wat in het protocol staat, dan ga ik er niet elk consult opnieuw over beginnen, hooguit één keer per jaar. Het is de keuze van die persoon en die keuze moet ik accepteren. Ik ben anti-roken en vind dat een patiënt met COPD met roken zou moeten stoppen, maar uiteindelijk gaat het erom wat iemand zelf belangrijk vindt. Als je dat volgt, bereik je meer en hoef je niet aan een dood paard te trekken.’

Protocol als confectiepak

Vrijaldenhoven-Haitsma vindt het niet terecht dat persoonsgerichte zorg tegenover geprotocolleerde zorg wordt gezet. ‘Ze horen bij elkaar. Huisartsen bieden altijd al persoonsgerichte zorg. Afgelopen jaren zijn er allerlei protocollen gemaakt met indicatoren. Die zijn prima omdat de kwaliteit van de zorg daarmee groter wordt. Maar je moet de mensen niet aanpassen aan de protocollen, dan ben je niet meer persoonsgericht bezig. Een protocol is de kapstok, het confectiepak. Dat pak pas je aan je patiënt aan waardoor de zorg maatwerk wordt.’

Alles noteren

Ook een verschil met vroeger: alles moet worden genoteerd in het dossier. ‘Vroeger was ik met één regeltje op de groene kaart klaar. Nu schrijf ik bijna letterlijk op wat ik bespreek.’ Staat het werken op de computer het persoonlijke gesprek in de weg? ‘Nee hoor, ik maak al pratend aantekeningen. Ik bespreek vaak ook met de patiënt wat ik opgeschreven heb. Het is voor mij geen probleem om alles te noteren. Dan weet je collega ook wat je gedaan en afgesproken hebt.’ 

Lees meer over persoonsgerichte zorg

kennispleinchronischezorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten