Huisartspraktijken helpen laaggeletterden naar gezond gewicht

29 april 2016

Op een effectieve manier laaggeletterden met overgewicht helpen naar een gezond gewicht, dat is wat Vilans en Pharos willen bereiken. Met dit doel voor ogen starten zij dit voorjaar samen met drie huisartspraktijken het traject Laaggeletterdheid is van gewicht – de huisarts helpt. De financiering komt grotendeels van Fonds NutsOhra, aangevuld door bijdragen van de huisartspraktijken, Pharos en Vilans.

Huisartsen helpen laaggeletterden naar gezond gewicht2,5 miljoen mensen in Nederland beheersen de taal onvoldoende, zo kopt het nieuws recentelijk in Nederland. Deze mensen beheersen de taal niet op vmbo-niveau, het niveau waarop iemand wordt verondersteld ‘geletterd’ te zijn. Dat blijkt uit een onderzoek van de Algemene Rekenkamer naar de aanpak van het ministerie van Onderwijs om laaggeletterdheid tegen te gaan. Laaggeletterden vinden onvoldoende hun weg in de gezondheidszorg. Zorgverleners ervaren grote verschillen in hun gezondheid en leefstijl in vergelijking met cliënten die wel voldoende de taal beheersen. Daar willen Vilans, Pharos en Fonds NutsOhra wat aan doen.

Zelfmanagement bij mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden

In 2015 heeft Vilans op basis van gesprekken met laaggeletterden en samen met drie huisartspraktijken, Pharos en de Nederlandse Vereniging voor Artsen Verstandelijk Handicapten (NVAVG) de handreiking ‘Zelfmanagement en beperkte gezondheidsvaardigheden’ ontwikkeld. In de handreiking staan stappen en praktische handvatten beschreven waarmee huisartsenpraktijken hun laaggeletterde patiënten beter kunnen herkennen en zelfmanagementondersteuning goed kunnen organiseren. Drie huisartsenpraktijken gaan de handreiking de komende maanden testen: GC Hoograven, GC Terwinselen en Stichting Malburgen GEZond. Vilans en Pharos ondersteunen hen daarbij. Lees hoe Mirjam, een laaggeletterde patiënt, de aanpak ervaart.  

Hoe gaan de praktijken aan de slag met laaggeletterdheid?

Gedurende drie jaar gaan de praktijken met laaggeletterdheid in hun praktijk aan de slag. Elke praktijk stelt een projectteam samen, bestaande uit de praktijkverpleegkundige, de huisarts en minimaal drie laaggeletterde patiënten met obesitas uit de praktijk en belangrijke overige disciplines zoals fysiotherapeut, diëtist, apotheker(assistent) en een medewerker van de gemeenten of GGD.

Plan van aanpak laaggeletterdheid

De projectteams gaan aan de slag met laaggeletterdheid op drie niveaus. Ten eerste focussen de praktijken zich op het herkennen van en communiceren met laaggeletterde patiënten met obesitas. Met behulp van de handreiking ‘Zelfmanagement en beperkte gezondheidsvaardigheden’ maken de praktijken een plan van aanpak hoe ze laaggeletterde patiënten kunnen herkennen en op welke manier ze het beste met hen kunnen communiceren. Zowel mondeling, als met informatiemateriaal, als vanuit de inrichting van de praktijk. Een breed scala aan communicatievormen komt hierbij kijken.

Leefstijlinterventies gericht op bevorderen bewegen en afvallen

Ten tweede bekijken de praktijken samen met de laaggeletterde patiënten en de overige disciplines aan welke leefstijlinterventies deze patiënten behoefte hebben. Dit zijn interventies gericht op het bevorderen van bewegen en afvallen. Deze leefstijlinterventies worden opgespoord en zo aangepast, dat ze goed aansluiten bij de doelgroep laaggeletterde patiënten met obesitas. De patiënten met obesitas gaan op basis van hun wensen en voorkeuren met deze interventies aan de slag om te komen tot een gezond gewicht.

Onderzoek naar zelfmanagement op maat 

Het derde niveau waarmee de praktijken aan de slag gaan, richt zich op onderzoek. De volgende vragen worden daarin beantwoord:

  1. Leidt ondersteuning van zelfmanagement-op-maat door de huisarts of praktijkondersteuner bij laaggeletterde mensen met overgewicht met behulp van de handreiking ‘Zelfmanagement en beperkte gezondheidsvaardigheden’ tot meer self-efficacy en zelfmanagementvaardigheden, een toename van bewegen, afname van de BMI en betere ervaren gezondheid? 
  2. Wat verandert er in de praktijk door de inzet van de handreiking ‘Zelfmanagement en beperkte gezondheidsvaardigheden’ in: 
    -het herkennen van laaggeletterden;
    -de kennis over specifieke tools voor laaggeletterden en wanneer/hoe deze in te zetten; 
    -het opstellen van doel en actieplan met laaggeletterden;
    -het samenwerken met laaggeletterden en met zorgverleners buiten de praktijk om te komen tot effectieve interventies?
  3. Wat zijn succes- en belemmerende factoren bij het toepassen van de handreiking ‘Zelfmanagement en beperkte gezondheidsvaardigheden’ vanuit het perspectief van zorgverleners en laaggeletterden?

Het onderzoek draagt bij aan hoe de eerstelijnszorg beter ingericht kan worden voor de doelgroep laaggeletterde patiënten met obesitas uit kansarme gezinnen.

Verder lezen

kennispleinchronischezorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten